controleren has 71 translations in 13 languages

translations of controleren

NLENEnglish11 translations
NLESSpanish9 translations
  • examinar(v)[bedrijf, feit, invloed, regel, to inspect, examine, vergelijking, apparaat]
  • inspeccionar(n v)[to inspect, examine]
  • dirigir(v)[bedrijf, feit, invloed, regel, vergelijking]
  • controlar(v)[vergelijking, regel, feit, bedrijf, invloed]
  • inspección(n)[boekhouding]{f}
  • comprobar(n v)[to verify or compare with a source of information, vergelijking, to inspect, examine, regel, invloed, feit, bedrijf, apparaat]
  • verificar(v)[bedrijf, feit, invloed, regel, to verify or compare with a source of information, vergelijking]
  • verificación(n)[boekhouding]{f}
  • comparar(n v)[to verify or compare with a source of information]
NLFRFrench6 translations
  • examiner(n v)[check or investigate particularly]
  • diriger[bedrijf, feit, invloed, regel, vergelijking]
  • vérifier(n v)[to inspect, examine, vergelijking, to verify or compare with a source of information, regel, invloed, feit, check or investigate particularly, bedrijf, apparaat]
  • contrôler[bedrijf, check or investigate particularly, feit, invloed, regel, to inspect, examine, vergelijking]
  • vérification[boekhouding]{f}
  • contrôle[boekhouding]{m}
NLDEGerman10 translations
NLITItalian5 translations
  • dirigere(v)[feit, invloed, regel, vergelijking, bedrijf]
  • controllare(n v)[to inspect, examine, vergelijking, regel, invloed, feit, bedrijf, apparaat]
  • verifica(n)[boekhouding]{f}
  • revisione(n)[boekhouding]{f}
  • verificare(v)[apparaat, bedrijf, feit, invloed, regel, vergelijking]
NLPTPortuguese11 translations
  • testar(v)[apparaat]
  • examinar(v)[bedrijf, vergelijking, to inspect, examine, invloed, feit, regel]
  • controlar(v)[bedrijf, feit, invloed, regel, vergelijking]
  • investigar(v)[feit, vergelijking, regel, invloed, bedrijf]
  • dirigir(v)[bedrijf, feit, invloed, regel, vergelijking]
  • inspecionar(n v)[to inspect, examine]
  • conferir(v)[feit, invloed, regel, vergelijking, bedrijf]
  • auditoria(n)[boekhouding]{f}
  • verificar(n v)[to verify or compare with a source of information, vergelijking, regel, invloed, feit, bedrijf]
  • inspeção(n)[boekhouding]{f}
  • checar(v)[apparaat, bedrijf, feit, invloed, regel, to inspect, examine, to verify or compare with a source of information, vergelijking]
NLSVSwedish6 translations
  • granska(v)[apparaat]
  • dirigera(v)[bedrijf, feit, invloed, regel, vergelijking]
  • kontrollera(v)[vergelijking, to verify or compare with a source of information, to inspect, examine, regel, invloed, feit, bedrijf, apparaat]
  • verifiera(v)[bedrijf, feit, invloed, regel, vergelijking]
  • kolla(v)[bedrijf, feit, invloed, regel, to inspect, examine, vergelijking]
  • pröva(v)[apparaat]
NLCSCzech3 translations
  • zkontrolovat(n v)[to verify or compare with a source of information]
  • prověřit(n v)[to inspect, examine]
  • kontrolovat(n v)[to verify or compare with a source of information]
NLPLPolish2 translations
  • sprawdzać(v)
  • sprawdzić(n v)[to inspect, examine, to verify or compare with a source of information](n v)
NLBGBulgarian2 translations
NLRURussian2 translations
NLJAJapanese2 translations
NLVIVietnamese2 translations