stagneren has 20 translations in 7 languages

translations of stagneren

Imperatives and participles
Tegenwoordig en verleden deelwoord stagnerend
Tegenwoordig en verleden deelwoord gestagneerd
Type ik jij hij/zij/het wij jullie zij
Presens - stagneert - stagneren
Imperfect - stagneerde - stagneerden
Toekomende tijd I - zal stagneren - zult stagneren
Conditionalis I - zal stagneren - zullen stagneren
Perfectum - heeft gestagneerd - hebben gestagneerd
Voltooid verleden tijd - had gestagneerd - hadden gestagneerd
Toekomende tijd II - zal gestagneerd hebben - zult gestagneerd hebben
Conditionalis II - zal hebben gestagneerd - zullen hebben gestagneerd

Full conjugation of stagneren