gladmaken has 36 translations in 7 languages

translations of gladmaken

Imperatives and participles
Tegenwoordig en verleden deelwoord gladmakend
Tegenwoordig en verleden deelwoord gladgemaakt
Type ik jij hij/zij/het wij jullie zij
Presens maak glad maakt glad maakt glad maken glad maken glad maken glad
Imperfect maakte glad maakte glad maakte glad maakten glad maakten glad maakten glad
Toekomende tijd I zal gladmaken zult gladmaken zal gladmaken zullen gladmaken zullen gladmaken zullen gladmaken
Conditionalis I zou gladmaken zou gladmaken zou gladmaken zouden gladmaken zouden gladmaken zouden gladmaken
Perfectum heb gladgemaakt hebt gladgemaakt heeft gladgemaakt hebben gladgemaakt hebben gladgemaakt hebben gladgemaakt
Voltooid verleden tijd had gladgemaakt had gladgemaakt had gladgemaakt hadden gladgemaakt hadden gladgemaakt hadden gladgemaakt
Toekomende tijd II zal gladgemaakt hebben zult gladgemaakt hebben zal gladgemaakt hebben zullen gladgemaakt hebben zullen gladgemaakt hebben zullen gladgemaakt hebben
Conditionalis II zou hebben gladgemaakt zou hebben gladgemaakt zou hebben gladgemaakt zouden hebben gladgemaakt zouden hebben gladgemaakt zouden hebben gladgemaakt
Imperatief - maak glad - maakt glad -

Full conjugation of gladmaken