bewasemen has 0 translations in 0 languages
No translations found :(
Imperatives and participles
Tegenwoordig en verleden deelwoord bewasemend
Tegenwoordig en verleden deelwoord bewasemd
Type ik jij hij/zij/het wij jullie zij
Presens - bewasemt - bewasemen
Imperfect - bewasemde - bewasemden
Toekomende tijd I - zal bewasemen - zult bewasemen
Conditionalis I - zal bewasemen - zullen bewasemen
Perfectum - heeft bewasemd - hebben bewasemd
Voltooid verleden tijd - had bewasemd - hadden bewasemd
Toekomende tijd II - zal bewasemd hebben - zult bewasemd hebben
Conditionalis II - zal hebben bewasemd - zullen hebben bewasemd

Full conjugation of bewasemen