zich uitrekken
has one meaning
Dutch
English
German
Portuguese
- zich uitbreiden
- zich uitdossen
- zich uitgeven voor
- zich uitkleden
- zich uitputten
zich uitrekken
- zich uitschrijven
- zich uitsloven om
- zich uitspreiden
- zich uitspreken tegen
- zich uitspreken voor
- zich uitstrekken
- zich van het lijf houden
- zich van kant maken
- zich vasthouden
- zich vastklampen
- zich vastklampen aan
- zich verantwoorden
- zich verantwoorden voor
- zich verbazen
- zich verbazen over
- zich verbergen
- zich verbinden
- zich verbinden tot
- zich verborgen houden
- zich verbreiden
- zich verdringen
- zich vereenzelvigen met
- zich verenigen
- zich verenigen met
- zich verfrissen

