Dutch Dutch

no translation found for vollopen


Verbformen von vollopen

def. vol
Tegenwoordig en verleden deelwoord vollopend und volgelopen

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens - - loopt vol - - lopen vol
Imperfect - - liep vol - - liepen vol
Toekomende tijd I - - zal vollopen - - zult vollopen
Conditionalis I - - zal vollopen - - zullen vollopen
Perfectum - - is volgelopen - - zijn volgelopen
Voltooid verleden tijd - - was volgelopen - - waren volgelopen
Toekomende tijd II - - zal volgelopen zijn - - zult volgelopen zijn
Conditionalis II - - zal zijn volgelopen - - zullen zijn volgelopen
Imperatief - - - - - -
translation - vollopen translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000