spiermaag
has one meaning
Dutch
English
German
French
Italian
Spanish
Portuguese
- spier
- spierbundel
- spierdystrofie
- spieren
- spierkracht
spiermaag
- spiernaakt
- spies
- spiesglans
- spietsen
- spieën
- spijbelaar
- spijbelaarster
- spijbelen
- spijker
- spijker zonder kop
- spijkerbroek
- spijkeren
- spijkerschrift
- spijl
- spijskaart
- spijsvertering
- spijsverterings-
- spijsverteringskanaal
- spijt
- spijt betuigen
- spijt hebben
- spijt hebben van
- spijten
- spijtig
- spijtig zijn

