Tools Enlarge font sizeNormal font sizeReduce font sizeShow/hide HelpPrint pageRecommend pageSearch redeneren in WikipediaSearch redeneren in Google UK Bookmark Add page to favouritesBookmark page at Mister Wong Bookmark page at Linkarena Bookmark page at Delicious Bookmark page at Yahoo Bookmark page at Google Words German wordsEnglish wordsFrench wordsSpanish wordsItalian wordsPortuguese wordsSwedish wordsDutch words

Search term: dutch redeneren has 2 meanings, 2 synonym groups and 2 synonyms

English

  • argue Info
  • reason Info
  • reasoning Info

German

  • Argumentation Info
  • argumentieren Info
  • logisch denken Info
  • vernünftig denken Info

French

  • argumenter Info
  • raisonnement Info
  • raisonner Info

Italian

  • argomentare Info
  • ragionamento Info
  • ragionare Info

Spanish

  • argumentar Info
  • razonamiento Info
  • razonar Info

Dutch

  • redeneren
    • denkvermogen
    • bespreking

Portuguese

  • argumentar Info
  • discutir Info
  • ponderar Info
  • raciocinar Info
  • raciocínio Info

Swedish

  • argumentera Info
  • göra slutledningar Info
  • resonera Info
  • resonerande Info

Synonyms for redeneren

betogen : oreren
argumenteren : redetwisten

Verb forms of redeneren

Usage - Separable -
Tegenwoordig en verleden deelwoord redenerend und geredeneerd
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens redeneer redeneert redeneert redeneren redeneren redeneren
Imperfect redeneerde redeneerde redeneerde redeneerden redeneerden redeneerden
Toekomende tijd I zal redeneren zult redeneren zal redeneren zullen redeneren zullen redeneren zullen redeneren
Conditionalis I zou redeneren zou redeneren zou redeneren zouden redeneren zouden redeneren zouden redeneren
Perfectum heb geredeneerd hebt geredeneerd heeft geredeneerd hebben geredeneerd hebben geredeneerd hebben geredeneerd
Voltooid verleden tijd had geredeneerd had geredeneerd had geredeneerd hadden geredeneerd hadden geredeneerd hadden geredeneerd
Toekomende tijd II zal geredeneerd hebben zult geredeneerd hebben zal geredeneerd hebben zullen geredeneerd hebben zullen geredeneerd hebben zullen geredeneerd hebben
Conditionalis II zou hebben geredeneerd zou hebben geredeneerd zou hebben geredeneerd zouden hebben geredeneerd zouden hebben geredeneerd zouden hebben geredeneerd
Imperatief - redeneer - - redeneert -

redeneren - Translation of words, word sequences and short sentences into the languages German, Spanish, French, Italian, Dutch, Portuguese, Swedish