search term:

programmeren

  has 2 meanings

Dutch Dutch

programmeren (apparaat, gegevensverwerking)

English English

program (apparaat, gegevensverwerking)

German German

programmieren (apparaat, gegevensverwerking)

French French

programmer (apparaat, gegevensverwerking)

Italian Italian

programmare (apparaat, gegevensverwerking)

Spanish Spanish

programar (apparaat, gegevensverwerking)

Portuguese Portuguese

programar (apparaat, gegevensverwerking)

Swedish Swedish

programmera (apparaat, gegevensverwerking)


Verbformen von programmeren

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord programmerend und geprogrammeerd

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens programmeer programmeert programmeert programmeren programmeren programmeren
Imperfect programmeerde programmeerde programmeerde programmeerden programmeerden programmeerden
Toekomende tijd I zal programmeren zult programmeren zal programmeren zullen programmeren zullen programmeren zullen programmeren
Conditionalis I zou programmeren zou programmeren zou programmeren zouden programmeren zouden programmeren zouden programmeren
Perfectum heb geprogrammeerd hebt geprogrammeerd heeft geprogrammeerd hebben geprogrammeerd hebben geprogrammeerd hebben geprogrammeerd
Voltooid verleden tijd had geprogrammeerd had geprogrammeerd had geprogrammeerd hadden geprogrammeerd hadden geprogrammeerd hadden geprogrammeerd
Toekomende tijd II zal geprogrammeerd hebben zult geprogrammeerd hebben zal geprogrammeerd hebben zullen geprogrammeerd hebben zullen geprogrammeerd hebben zullen geprogrammeerd hebben
Conditionalis II zou hebben geprogrammeerd zou hebben geprogrammeerd zou hebben geprogrammeerd zouden hebben geprogrammeerd zouden hebben geprogrammeerd zouden hebben geprogrammeerd
Imperatief - programmeer - - programmeert -
translation - programmeren translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000