ontrouw
has 2 meanings, 4 synonym groups and 5 synonyms
Dutch
English
German
French
Italian
Spanish
Portuguese
synonyms for ontrouw
afvallig, vals
trouweloos
trouweloos [a]
overspel
overspel [n]
oneerlijkheid
oneerlijkheid [n]
All Synonyms for ontrouw
- ontroering
- ontroesten
- ontrollen
- ontromen
- ontroostbaar
ontrouw
- ontrouw zijn
- ontroven
- ontruimen
- ontruiming
- ontrukken
- ontrusten
- ontschepen
- ontschieten
- ontschoeien
- ontschorsen
- ontsieren
- ontslaan
- ontslaan van
- ontslag
- ontslag nemen
- ontslag van rechtsvervolging
- ontslagaanzegging
- ontslagen
- ontslagen van
- ontslagen worden
- ontslagneming
- ontslagpremie
- ontslaguitkering
- ontslaken
- ontslapen

