search term:

ontrollen

  has one meaning

Dutch Dutch

ontrollen (kaart)

English English

unroll (kaart)

German German

ausrollen (kaart)

French French

dérouler (kaart)

Italian Italian

srotolare (kaart)

Spanish Spanish

desenrollar (kaart)

Portuguese Portuguese

abrir (kaart) desenrolar (kaart)

Swedish Swedish

rulla ut (kaart)


Verb forms of ontrollen

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord ontrollend und ontrold

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens ontrol ontrolt ontrolt ontrollen ontrollen ontrollen
Imperfect ontrolde ontrolde ontrolde ontrolden ontrolden ontrolden
Toekomende tijd I zal ontrollen zult ontrollen zal ontrollen zullen ontrollen zullen ontrollen zullen ontrollen
Conditionalis I zou ontrollen zou ontrollen zou ontrollen zouden ontrollen zouden ontrollen zouden ontrollen
Perfectum heb ontrold hebt ontrold heeft ontrold hebben ontrold hebben ontrold hebben ontrold
Voltooid verleden tijd had ontrold had ontrold had ontrold hadden ontrold hadden ontrold hadden ontrold
Toekomende tijd II zal ontrold hebben zult ontrold hebben zal ontrold hebben zullen ontrold hebben zullen ontrold hebben zullen ontrold hebben
Conditionalis II zou hebben ontrold zou hebben ontrold zou hebben ontrold zouden hebben ontrold zouden hebben ontrold zouden hebben ontrold
Imperatief - ontrol - - ontrolt -
translation - ontrollen translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000