search term:

ontraadselen

  has, 2 synonym groups and 2 synonyms

Dutch Dutch

no translation found for ontraadselen


Verb forms of ontraadselen

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord ontraadselend und ontraadseld

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens ontraadsel ontraadselt ontraadselt ontraadselen ontraadselen ontraadselen
Imperfect ontraadselde ontraadselde ontraadselde ontraadselden ontraadselden ontraadselden
Toekomende tijd I zal ontraadselen zult ontraadselen zal ontraadselen zullen ontraadselen zullen ontraadselen zullen ontraadselen
Conditionalis I zou ontraadselen zou ontraadselen zou ontraadselen zouden ontraadselen zouden ontraadselen zouden ontraadselen
Perfectum heb ontraadseld hebt ontraadseld heeft ontraadseld hebben ontraadseld hebben ontraadseld hebben ontraadseld
Voltooid verleden tijd had ontraadseld had ontraadseld had ontraadseld hadden ontraadseld hadden ontraadseld hadden ontraadseld
Toekomende tijd II zal ontraadseld hebben zult ontraadseld hebben zal ontraadseld hebben zullen ontraadseld hebben zullen ontraadseld hebben zullen ontraadseld hebben
Conditionalis II zou hebben ontraadseld zou hebben ontraadseld zou hebben ontraadseld zouden hebben ontraadseld zouden hebben ontraadseld zouden hebben ontraadseld
Imperatief - ontraadsel - - ontraadselt -
translation - ontraadselen translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000