ontoereikendheid
has one meaning
Dutch
English
German
French
Italian
Spanish
Portuguese
- ontoelaatbaar
- ontoepasbaar
- ontoepasselijk
- ontoepasselijkheid
- ontoereikend
ontoereikendheid
- ontoerekeningsvatbaar
- ontologie
- OntoMeeting
- ontpachten
- ontpakken
- ontpersen
- ontpitten
- ontploffen
- ontploffing
- ontplooien
- ontpolderen
- ontpoppen
- ontraadselen
- ontraden
- ontrading
- ontrafelen
- ontratten
- ontredderd
- ontredderen
- ontreddering
- ontregeld
- ontregelen
- ontrieven
- ontroerd
- ontroerd zijn

