ontfutselen
has 2 meanings, 4 synonym groups and 15 synonyms
Dutch
English
German
French
Italian
Portuguese
Swedish
Verb forms of ontfutselen
| - | - | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | ontfutselend | und | ontfutseld |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | ontfutsel | ontfutselt | ontfutselt | ontfutselen | ontfutselen | ontfutselen |
| Imperfect | ontfutselde | ontfutselde | ontfutselde | ontfutselden | ontfutselden | ontfutselden |
| Toekomende tijd I | zal ontfutselen | zult ontfutselen | zal ontfutselen | zullen ontfutselen | zullen ontfutselen | zullen ontfutselen |
| Conditionalis I | zou ontfutselen | zou ontfutselen | zou ontfutselen | zouden ontfutselen | zouden ontfutselen | zouden ontfutselen |
| Perfectum | heb ontfutseld | hebt ontfutseld | heeft ontfutseld | hebben ontfutseld | hebben ontfutseld | hebben ontfutseld |
| Voltooid verleden tijd | had ontfutseld | had ontfutseld | had ontfutseld | hadden ontfutseld | hadden ontfutseld | hadden ontfutseld |
| Toekomende tijd II | zal ontfutseld hebben | zult ontfutseld hebben | zal ontfutseld hebben | zullen ontfutseld hebben | zullen ontfutseld hebben | zullen ontfutseld hebben |
| Conditionalis II | zou hebben ontfutseld | zou hebben ontfutseld | zou hebben ontfutseld | zouden hebben ontfutseld | zouden hebben ontfutseld | zouden hebben ontfutseld |
| Imperatief | - | ontfutsel | - | - | ontfutselt | - |
synonyms for ontfutselen
afhandig maken, afpakken, ontnemen, wegnemen
aftroggelen
afbietsen, afdwingen, afhandig maken, loskrijgen
bemachtigen
loskrijgen, verkrijgen
nemen
aanschaffen, bemachtigen, pakken, toeëigenen, wegnemen
All Synonyms for ontfutselen
- ontevreden maken
- ontevreden zijn
- ontevredenheid
- ontfermen
- ontfronsen
ontfutselen
- ontgaan
- ontgassen
- ontgelden
- ontgeven
- ontginbaar
- ontginnen
- ontginning
- ontglazen
- ontglijden
- ontglippen
- ontgloeien
- ontgonnen
- ontgoocheld
- ontgoochelen
- ontgoochelend
- ontgoocheling
- ontgraven
- ontgrendelen
- ontgroeien
- ontgroenen
- ontgronden
- onthaal
- onthaalmoeder
- onthalen
- onthalzen

