Dutch Dutch

no translation found for ondervangen


Verb forms of ondervangen

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord ondervangend und ondervangen

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens ondervang ondervangt ondervangt ondervangen ondervangen ondervangen
Imperfect onderving onderving onderving ondervingen ondervingen ondervingen
Toekomende tijd I zal ondervangen zult ondervangen zal ondervangen zullen ondervangen zullen ondervangen zullen ondervangen
Conditionalis I zou ondervangen zou ondervangen zou ondervangen zouden ondervangen zouden ondervangen zouden ondervangen
Perfectum heb ondervangen hebt ondervangen heeft ondervangen hebben ondervangen hebben ondervangen hebben ondervangen
Voltooid verleden tijd had ondervangen had ondervangen had ondervangen hadden ondervangen hadden ondervangen hadden ondervangen
Toekomende tijd II zal ondervangen hebben zult ondervangen hebben zal ondervangen hebben zullen ondervangen hebben zullen ondervangen hebben zullen ondervangen hebben
Conditionalis II zou hebben ondervangen zou hebben ondervangen zou hebben ondervangen zouden hebben ondervangen zouden hebben ondervangen zouden hebben ondervangen
Imperatief - ondervang - - ondervangt -
translation - ondervangen translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000