search term:

omdraaien

  has 4 meanings, 2 synonym groups and 4 synonyms

Dutch Dutch

omdraaien (hals, wind, voorwerp, beweging)

English English

flip over (voorwerp) reverse (voorwerp) switch around (wind) turn (beweging) turn over (beweging, voorwerp) wring (hals)

German German

umdrehen (beweging, hals, voorwerp, wind) umkehren (beweging)

French French

changer (beweging, hals, voorwerp, wind) retourner (beweging, hals, voorwerp, wind) tordre (beweging, hals, voorwerp, wind) tourner (beweging, hals, voorwerp, wind)

Italian Italian

cambiare (beweging, hals, voorwerp, wind) capovolgere (beweging, hals, voorwerp, wind) girare (beweging, hals, voorwerp, wind) rovesciare (beweging, hals, voorwerp, wind) torcere (beweging, hals, voorwerp, wind)

Spanish Spanish

cambiar (beweging, hals, voorwerp, wind) dar la vuelta (beweging, hals, voorwerp, wind) dar la vuelta a (beweging, hals, voorwerp, wind) invertir (beweging, hals, voorwerp, wind) retorcer (beweging, hals, voorwerp, wind)

Portuguese Portuguese

inverter (beweging, hals, voorwerp, wind) mudar de direção (beweging, hals, voorwerp, wind) torcer (beweging, hals, voorwerp, wind) virar (beweging, hals, voorwerp, wind) virar-se (beweging, hals, voorwerp, wind)

Swedish Swedish

vrida om (beweging, hals, voorwerp, wind) vända (beweging, hals, voorwerp, wind) vända om (beweging, hals, voorwerp, wind) vända på (beweging, hals, voorwerp, wind) vända sig (beweging, hals, voorwerp, wind) vända upp och ner på (beweging, hals, voorwerp, wind)


Verb forms of omdraaien

irr. om
Tegenwoordig en verleden deelwoord omdraaiend und omgedraaid

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens draai om draait om draait om draaien om draaien om draaien om
Imperfect draaide om draaide om draaide om draaiden om draaiden om draaiden om
Toekomende tijd I zal omdraaien zult omdraaien zal omdraaien zullen omdraaien zullen omdraaien zullen omdraaien
Conditionalis I zou omdraaien zou omdraaien zou omdraaien zouden omdraaien zouden omdraaien zouden omdraaien
Perfectum heb omgedraaid hebt omgedraaid heeft omgedraaid hebben omgedraaid hebben omgedraaid hebben omgedraaid
Voltooid verleden tijd had omgedraaid had omgedraaid had omgedraaid hadden omgedraaid hadden omgedraaid hadden omgedraaid
Toekomende tijd II zal omgedraaid hebben zult omgedraaid hebben zal omgedraaid hebben zullen omgedraaid hebben zullen omgedraaid hebben zullen omgedraaid hebben
Conditionalis II zou hebben omgedraaid zou hebben omgedraaid zou hebben omgedraaid zouden hebben omgedraaid zouden hebben omgedraaid zouden hebben omgedraaid
Imperatief - draai om - - draait om -
translation - omdraaien translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000