kantiek
has one meaning
Dutch
Portuguese
- kantachtig
- kantelen
- kanteloep
- kanten
- kanthouwen
kantiek
- kantine
- kantineblik
- kantlijn
- kantongerecht
- kantonneren
- kantonrechter
- kantoor
- kantoor van de penningmeester
- kantoorbeambte
- kantoorbenodigdheden
- kantoormens
- kantrechten
- kanttekening
- kantwerk
- kantwerken
- kanunnik
- kaolien
- kap
- kapel
- kapelaan
- kapelaanschap
- kapelmeester
- kapen
- kaper
- kapitaal

