Dutch
Portuguese
Verb forms of inbakken
| irr. | in | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | inbakkend | und | ingebakken |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | bak in | bakt in | bakt in | bakken in | bakken in | bakken in |
| Imperfect | bakte in | bakte in | bakte in | bakten in | bakten in | bakten in |
| Toekomende tijd I | zal inbakken | zult inbakken | zal inbakken | zullen inbakken | zullen inbakken | zullen inbakken |
| Conditionalis I | zou inbakken | zou inbakken | zou inbakken | zouden inbakken | zouden inbakken | zouden inbakken |
| Perfectum | heb ingebakken | hebt ingebakken | heeft ingebakken | hebben ingebakken | hebben ingebakken | hebben ingebakken |
| Voltooid verleden tijd | had ingebakken | had ingebakken | had ingebakken | hadden ingebakken | hadden ingebakken | hadden ingebakken |
| Toekomende tijd II | zal ingebakken hebben | zult ingebakken hebben | zal ingebakken hebben | zullen ingebakken hebben | zullen ingebakken hebben | zullen ingebakken hebben |
| Conditionalis II | zou hebben ingebakken | zou hebben ingebakken | zou hebben ingebakken | zouden hebben ingebakken | zouden hebben ingebakken | zouden hebben ingebakken |
| Imperatief | - | bak in | - | - | bakt in | - |
- inademing
- inaktiveren
- inauguratie
- inaugureren
- inbakeren
inbakken
- inbedden
- inbeelden
- inbeelding
- inbegrepen
- inbegrepen zijn
- inberekenen
- inbeslagname
- inbeuken
- inbezitneming
- inbijten
- inbinden
- inblazen
- inblikken
- inbliksemen
- inboedel
- inboeken
- inboeren
- inboeten
- inboezemen
- inboorling
- inboorlinge
- inboren
- inbouwen
- inbraak
- inbraak doen

