Dutch
Portuguese
Verb forms of gereedzetten
| - | gereed | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | gereedzettend | und | gereedgezet |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | zet gereed | zet gereed | zet gereed | zetten gereed | zetten gereed | zetten gereed |
| Imperfect | zette gereed | zette gereed | zette gereed | zetten gereed | zetten gereed | zetten gereed |
| Toekomende tijd I | zal gereedzetten | zult gereedzetten | zal gereedzetten | zullen gereedzetten | zullen gereedzetten | zullen gereedzetten |
| Conditionalis I | zou gereedzetten | zou gereedzetten | zou gereedzetten | zouden gereedzetten | zouden gereedzetten | zouden gereedzetten |
| Perfectum | heb gereedgezet | hebt gereedgezet | heeft gereedgezet | hebben gereedgezet | hebben gereedgezet | hebben gereedgezet |
| Voltooid verleden tijd | had gereedgezet | had gereedgezet | had gereedgezet | hadden gereedgezet | hadden gereedgezet | hadden gereedgezet |
| Toekomende tijd II | zal gereedgezet hebben | zult gereedgezet hebben | zal gereedgezet hebben | zullen gereedgezet hebben | zullen gereedgezet hebben | zullen gereedgezet hebben |
| Conditionalis II | zou hebben gereedgezet | zou hebben gereedgezet | zou hebben gereedgezet | zouden hebben gereedgezet | zouden hebben gereedgezet | zouden hebben gereedgezet |
| Imperatief | - | zet gereed | - | - | zet gereed | - |
- gereedschap
- gereedschapstas
- gereedschapszak
- gereedstaan
- gereedstaan voor iemand
gereedzetten
- Gereformeerd
- geregeld
- geregelde klant
- gerei
- gerekruteerd
- geremd
- geremdheid
- geren
- gerenommeerd
- gerepareerd
- gereserveerd
- gereserveerd natuurdomein
- gereserveerd zijn
- gereserveerde visvijver
- gereserveerdheid
- gerespecteerd
- geriater
- geriatrie
- geriatrisch
- geribbeld
- gericht
- gericht naar
- gerief
- gerieven
- gerimpeld

