search term:

egaliseren

  has, 3 synonym groups and 6 synonyms

Dutch Dutch

no translation found for egaliseren


Verbformen von egaliseren

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord egaliserend und geëgaliseerd

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens egaliseer egaliseert egaliseert egaliseren egaliseren egaliseren
Imperfect egaliseerde egaliseerde egaliseerde egaliseerden egaliseerden egaliseerden
Toekomende tijd I zal egaliseren zult egaliseren zal egaliseren zullen egaliseren zullen egaliseren zullen egaliseren
Conditionalis I zou egaliseren zou egaliseren zou egaliseren zouden egaliseren zouden egaliseren zouden egaliseren
Perfectum heb geëgaliseerd hebt geëgaliseerd heeft geëgaliseerd hebben geëgaliseerd hebben geëgaliseerd hebben geëgaliseerd
Voltooid verleden tijd had geëgaliseerd had geëgaliseerd had geëgaliseerd hadden geëgaliseerd hadden geëgaliseerd hadden geëgaliseerd
Toekomende tijd II zal geëgaliseerd hebben zult geëgaliseerd hebben zal geëgaliseerd hebben zullen geëgaliseerd hebben zullen geëgaliseerd hebben zullen geëgaliseerd hebben
Conditionalis II zou hebben geëgaliseerd zou hebben geëgaliseerd zou hebben geëgaliseerd zouden hebben geëgaliseerd zouden hebben geëgaliseerd zouden hebben geëgaliseerd
Imperatief - egaliseer - - egaliseert -
translation - egaliseren translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000