doorzetten
has 3 meanings, 2 synonym groups and 5 synonyms
Dutch
English
German
French
Italian
Spanish
Portuguese
Swedish
Verb forms of doorzetten
| - | door | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | doorzettend | und | doorgezet |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | zet door | zet door | zet door | zetten door | zetten door | zetten door |
| Imperfect | zette door | zette door | zette door | zetten door | zetten door | zetten door |
| Toekomende tijd I | zal doorzetten | zult doorzetten | zal doorzetten | zullen doorzetten | zullen doorzetten | zullen doorzetten |
| Conditionalis I | zou doorzetten | zou doorzetten | zou doorzetten | zouden doorzetten | zouden doorzetten | zouden doorzetten |
| Perfectum | heb doorgezet | hebt doorgezet | heeft doorgezet | hebben doorgezet | hebben doorgezet | hebben doorgezet |
| Voltooid verleden tijd | had doorgezet | had doorgezet | had doorgezet | hadden doorgezet | hadden doorgezet | hadden doorgezet |
| Toekomende tijd II | zal doorgezet hebben | zult doorgezet hebben | zal doorgezet hebben | zullen doorgezet hebben | zullen doorgezet hebben | zullen doorgezet hebben |
| Conditionalis II | zou hebben doorgezet | zou hebben doorgezet | zou hebben doorgezet | zouden hebben doorgezet | zouden hebben doorgezet | zouden hebben doorgezet |
| Imperatief | - | zet door | - | - | zet door | - |
synonyms for doorzetten
doordouwen, doorgaan, volharden, volhouden
doordrijven
doordrukken
All Synonyms for doorzetten
- doorworstelen
- doorzagen
- doorzakken
- doorzenden
- doorzetster
doorzetten
- doorzetter
- doorzetting
- doorzettingsvermogen
- doorzeuren
- doorzeuren over
- doorzeven
- doorzicht
- doorzichtig
- doorzichtig plakband
- doorzichtigheid
- doorzieken
- doorzien
- doorzijgen
- doorzijpelen
- doorzitten
- doorzoeken
- doorzuipen
- doorzwelgen
- doorzwerven
- doorzweten
- doorzwikken
- doos
- doos vol
- doosje
- dop

