search term:

doorzenden

  has one meaning

Dutch Dutch

doorzenden (post)

English English

forward (post) redirect (post) send by mail (post)

German German

nachschicken (post) nachsenden (post)

French French

faire suivre (post) réacheminer (post) réexpédier (post) transmettre (post)

Italian Italian

inoltrare (post) inviare (post) riindirizzare (post) spedire (post)

Spanish Spanish

enviar (post) reexpedir (post) remitir (post)

Portuguese Portuguese

enviar (post) expedir (post) reencaminhar (post) reendereçar (post) reexpedir (post) remeter (post)

Swedish Swedish

adressera om (post) eftersända (post)


Verb forms of doorzenden

- door
Tegenwoordig en verleden deelwoord doorzendend und doorgezonden

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens zend door zendt door zendt door zenden door zenden door zenden door
Imperfect zond door zond door zond door zonden door zonden door zonden door
Toekomende tijd I zal doorzenden zult doorzenden zal doorzenden zullen doorzenden zullen doorzenden zullen doorzenden
Conditionalis I zou doorzenden zou doorzenden zou doorzenden zouden doorzenden zouden doorzenden zouden doorzenden
Perfectum heb doorgezonden hebt doorgezonden heeft doorgezonden hebben doorgezonden hebben doorgezonden hebben doorgezonden
Voltooid verleden tijd had doorgezonden had doorgezonden had doorgezonden hadden doorgezonden hadden doorgezonden hadden doorgezonden
Toekomende tijd II zal doorgezonden hebben zult doorgezonden hebben zal doorgezonden hebben zullen doorgezonden hebben zullen doorgezonden hebben zullen doorgezonden hebben
Conditionalis II zou hebben doorgezonden zou hebben doorgezonden zou hebben doorgezonden zouden hebben doorgezonden zouden hebben doorgezonden zouden hebben doorgezonden
Imperatief - zend door - - zendt door -
translation - doorzenden translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000