Dutch Dutch

no translation found for doorstrekken


Verb forms of doorstrekken

- door
Tegenwoordig en verleden deelwoord doorstrekkend und doorgestrekt

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens strek door strekt door strekt door strekken door strekken door strekken door
Imperfect strekte door strekte door strekte door strekten door strekten door strekten door
Toekomende tijd I zal doorstrekken zult doorstrekken zal doorstrekken zullen doorstrekken zullen doorstrekken zullen doorstrekken
Conditionalis I zou doorstrekken zou doorstrekken zou doorstrekken zouden doorstrekken zouden doorstrekken zouden doorstrekken
Perfectum heb doorgestrekt hebt doorgestrekt heeft doorgestrekt hebben doorgestrekt hebben doorgestrekt hebben doorgestrekt
Voltooid verleden tijd had doorgestrekt had doorgestrekt had doorgestrekt hadden doorgestrekt hadden doorgestrekt hadden doorgestrekt
Toekomende tijd II zal doorgestrekt hebben zult doorgestrekt hebben zal doorgestrekt hebben zullen doorgestrekt hebben zullen doorgestrekt hebben zullen doorgestrekt hebben
Conditionalis II zou hebben doorgestrekt zou hebben doorgestrekt zou hebben doorgestrekt zouden hebben doorgestrekt zouden hebben doorgestrekt zouden hebben doorgestrekt
Imperatief - strek door - - strekt door -
translation - doorstrekken translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000