Dutch Dutch

no translation found for doorsparen


Verb forms of doorsparen

- door
Tegenwoordig en verleden deelwoord doorsparend und doorgespaard

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens spaar door spaart door spaart door sparen door sparen door sparen door
Imperfect spaarde door spaarde door spaarde door spaarden door spaarden door spaarden door
Toekomende tijd I zal doorsparen zult doorsparen zal doorsparen zullen doorsparen zullen doorsparen zullen doorsparen
Conditionalis I zou doorsparen zou doorsparen zou doorsparen zouden doorsparen zouden doorsparen zouden doorsparen
Perfectum heb doorgespaard hebt doorgespaard heeft doorgespaard hebben doorgespaard hebben doorgespaard hebben doorgespaard
Voltooid verleden tijd had doorgespaard had doorgespaard had doorgespaard hadden doorgespaard hadden doorgespaard hadden doorgespaard
Toekomende tijd II zal doorgespaard hebben zult doorgespaard hebben zal doorgespaard hebben zullen doorgespaard hebben zullen doorgespaard hebben zullen doorgespaard hebben
Conditionalis II zou hebben doorgespaard zou hebben doorgespaard zou hebben doorgespaard zouden hebben doorgespaard zouden hebben doorgespaard zouden hebben doorgespaard
Imperatief - spaar door - - spaart door -
translation - doorsparen translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000