Dutch Dutch

no translation found for binnenrukken

English English

German German

French French

Italian Italian

Spanish Spanish

Portuguese Portuguese

Swedish Swedish



Verb forms of binnenrukken

- binnen
Tegenwoordig en verleden deelwoord binnenrukkend und binnengerukt

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens ruk binnen rukt binnen rukt binnen rukken binnen rukken binnen rukken binnen
Imperfect rukte binnen rukte binnen rukte binnen rukten binnen rukten binnen rukten binnen
Toekomende tijd I zal binnenrukken zult binnenrukken zal binnenrukken zullen binnenrukken zullen binnenrukken zullen binnenrukken
Conditionalis I zou binnenrukken zou binnenrukken zou binnenrukken zouden binnenrukken zouden binnenrukken zouden binnenrukken
Perfectum ben binnengerukt bent binnengerukt is binnengerukt zijn binnengerukt zijn binnengerukt zijn binnengerukt
Voltooid verleden tijd was binnengerukt was binnengerukt was binnengerukt waren binnengerukt waren binnengerukt waren binnengerukt
Toekomende tijd II zal binnengerukt zijn zult binnengerukt zijn zal binnengerukt zijn zullen binnengerukt zijn zullen binnengerukt zijn zullen binnengerukt zijn
Conditionalis II zou zijn binnengerukt zou zijn binnengerukt zou zijn binnengerukt zouden zijn binnengerukt zouden zijn binnengerukt zouden zijn binnengerukt
Imperatief - ruk binnen - - rukt binnen -
translation - binnenrukken translate | Dutch dictionary