Tools Enlarge font sizeNormal font sizeReduce font sizeShow/hide HelpPrint pageRecommend pageSearch apporteren in WikipediaSearch apporteren in Google UK Bookmark Add page to favouritesBookmark page at Mister Wong Bookmark page at Linkarena Bookmark page at Delicious Bookmark page at Yahoo Bookmark page at Google Words German wordsEnglish wordsFrench wordsSpanish wordsItalian wordsPortuguese wordsSwedish wordsDutch words

Search term: dutch apporteren has meanings

English

German

French

Italian

Spanish

Dutch

Portuguese

Swedish

Verb forms of apporteren

Usage - Separable -
Tegenwoordig en verleden deelwoord apporterend und geapporteerd
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens apporteer apporteert apporteert apporteren apporteren apporteren
Imperfect apporteerde apporteerde apporteerde apporteerden apporteerden apporteerden
Toekomende tijd I zal apporteren zult apporteren zal apporteren zullen apporteren zullen apporteren zullen apporteren
Conditionalis I zou apporteren zou apporteren zou apporteren zouden apporteren zouden apporteren zouden apporteren
Perfectum heb geapporteerd hebt geapporteerd heeft geapporteerd hebben geapporteerd hebben geapporteerd hebben geapporteerd
Voltooid verleden tijd had geapporteerd had geapporteerd had geapporteerd hadden geapporteerd hadden geapporteerd hadden geapporteerd
Toekomende tijd II zal geapporteerd hebben zult geapporteerd hebben zal geapporteerd hebben zullen geapporteerd hebben zullen geapporteerd hebben zullen geapporteerd hebben
Conditionalis II zou hebben geapporteerd zou hebben geapporteerd zou hebben geapporteerd zouden hebben geapporteerd zouden hebben geapporteerd zouden hebben geapporteerd
Imperatief - apporteer - - apporteert -

apporteren - Translation of words, word sequences and short sentences into the languages German, Spanish, French, Italian, Dutch, Portuguese, Swedish