search term:

afwijzen

  has 8 meanings, one synonym group and 5 synonyms

Dutch Dutch

afwijzen (algemeen, beschuldiging, aanbod, voorstel, verantwoordelijkheid, rechten, afkeuren, ontkennen)

English English

decline (algemeen) deny (ontkennen) disallow (rechten) disapprove (afkeuren) disavow (ontkennen, verantwoordelijkheid) disclaim (beschuldiging, ontkennen) disfavor (afkeuren) dismiss (rechten) overrule (rechten) refuse (algemeen) reject (voorstel) repudiate (beschuldiging) repulse (aanbod) throw out (voorstel) turn away (voorstel) turn down (aanbod, voorstel)

German German

ablehnen (algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) abweisen (rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) ausschlagen (aanbod) bestreiten (ontkennen) leugnen (ontkennen) missbilligen (afkeuren) nicht anerkennen (beschuldiging, ontkennen) verneinen (ontkennen) verwerfen (afkeuren, rechten, voorstel) von sich weisen (verantwoordelijkheid) zurückweisen (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel)

French French

absoudre (rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) débouter (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) décliner (algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) démentir (beschuldiging, ontkennen) désapprouver (afkeuren, rechten, voorstel) désavouer (beschuldiging, ontkennen) nier (beschuldiging, ontkennen) prononcer un jugement contre (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) refuser (aanbod, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) rejeter (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) rendre un jugement contre (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) renier (algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) repousser (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) réprouver (afkeuren, rechten, voorstel) répudier (aanbod, beschuldiging, ontkennen, rechten, voorstel) se prononcer contre (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel)

Italian Italian

assolvere (rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) biasimare (afkeuren, rechten, voorstel) declinare (algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) disapprovare (afkeuren, rechten, voorstel) disconoscere (algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) negare (beschuldiging, ontkennen) non ammettere (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) pronunciarsi contro (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) respingere (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) ricusare (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) rifiutare (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) rigettare (afkeuren, algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) rinnegare (aanbod, algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) riprovare (afkeuren, rechten, voorstel) ripudiare (aanbod, beschuldiging, ontkennen, rechten, voorstel) sconfessare (algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel)

Spanish Spanish

absolver (rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) denegar (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) desaprobar (afkeuren, rechten, voorstel) desconocer (beschuldiging, ontkennen) fallar contra (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) negar (algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) no sancionar (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) rechazar (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) rehusar (aanbod, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) renegar (beschuldiging, ontkennen) renegar de (algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) repeler (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) repudiar (aanbod, beschuldiging, ontkennen, rechten, voorstel)

Portuguese Portuguese

absolver (rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) dar julgamento contrário a (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) deixar de lado (afkeuren, rechten, voorstel) desaprovar (afkeuren, rechten, voorstel) desautorizar (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) descartar (afkeuren, algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) desconhecer (beschuldiging, ontkennen) negar (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) pronunciar-se contra (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) rechaçar (aanbod, beschuldiging, ontkennen, rechten, voorstel) recusar (aanbod, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) refutar (aanbod, algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) rejeitar (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) renegar (algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) repelir (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) reprovar (afkeuren, rechten, voorstel) repudiar (aanbod, beschuldiging, ontkennen, rechten, voorstel) vetar (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel)

Swedish Swedish

avböja (algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) avslå (afkeuren, algemeen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) avvisa (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) frånsäga sig (algemeen, beschuldiging, ontkennen, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) förbjuda (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) förkasta (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) förneka (aanbod, beschuldiging, ontkennen, rechten, voorstel) inte erkänna (aanbod, beschuldiging, ontkennen, rechten, voorstel) inte tillåta (aanbod, afkeuren, algemeen, beschuldiging, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) inte vilja kännas vid (beschuldiging, ontkennen) ogilla (afkeuren, rechten, verantwoordelijkheid, voorstel) tillbakavisa (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel) uttala sig mot (aanbod, beschuldiging, rechten, voorstel)


Verb forms of afwijzen

- af
Tegenwoordig en verleden deelwoord afwijzend und afgewezen

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens wijs af wijst af wijst af wijzen af wijzen af wijzen af
Imperfect wees af wees af wees af wezen af wezen af wezen af
Toekomende tijd I zal afwijzen zult afwijzen zal afwijzen zullen afwijzen zullen afwijzen zullen afwijzen
Conditionalis I zou afwijzen zou afwijzen zou afwijzen zouden afwijzen zouden afwijzen zouden afwijzen
Perfectum heb afgewezen hebt afgewezen heeft afgewezen hebben afgewezen hebben afgewezen hebben afgewezen
Voltooid verleden tijd had afgewezen had afgewezen had afgewezen hadden afgewezen hadden afgewezen hadden afgewezen
Toekomende tijd II zal afgewezen hebben zult afgewezen hebben zal afgewezen hebben zullen afgewezen hebben zullen afgewezen hebben zullen afgewezen hebben
Conditionalis II zou hebben afgewezen zou hebben afgewezen zou hebben afgewezen zouden hebben afgewezen zouden hebben afgewezen zouden hebben afgewezen
Imperatief - wijs af - - wijst af -
translation - afwijzen translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000