Dutch Dutch

no translation found for afgreppelen


Verb forms of afgreppelen

- af
Tegenwoordig en verleden deelwoord afgreppelend und afgegreppeld

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens greppel af greppelt af greppelt af greppelen af greppelen af greppelen af
Imperfect greppelde af greppelde af greppelde af greppelden af greppelden af greppelden af
Toekomende tijd I zal afgreppelen zult afgreppelen zal afgreppelen zullen afgreppelen zullen afgreppelen zullen afgreppelen
Conditionalis I zou afgreppelen zou afgreppelen zou afgreppelen zouden afgreppelen zouden afgreppelen zouden afgreppelen
Perfectum heb afgegreppeld hebt afgegreppeld heeft afgegreppeld hebben afgegreppeld hebben afgegreppeld hebben afgegreppeld
Voltooid verleden tijd had afgegreppeld had afgegreppeld had afgegreppeld hadden afgegreppeld hadden afgegreppeld hadden afgegreppeld
Toekomende tijd II zal afgegreppeld hebben zult afgegreppeld hebben zal afgegreppeld hebben zullen afgegreppeld hebben zullen afgegreppeld hebben zullen afgegreppeld hebben
Conditionalis II zou hebben afgegreppeld zou hebben afgegreppeld zou hebben afgegreppeld zouden hebben afgegreppeld zouden hebben afgegreppeld zouden hebben afgegreppeld
Imperatief - greppel af - - greppelt af -
translation - afgreppelen translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000