Dutch Dutch

no translation found for aanzitten


Verb forms of aanzitten

- aan
Tegenwoordig en verleden deelwoord aanzittend und aangezeten

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens zit aan zit aan zit aan zitten aan zitten aan zitten aan
Imperfect zat aan zat aan zat aan zaten aan zaten aan zaten aan
Toekomende tijd I zal aanzitten zult aanzitten zal aanzitten zullen aanzitten zullen aanzitten zullen aanzitten
Conditionalis I zou aanzitten zou aanzitten zou aanzitten zouden aanzitten zouden aanzitten zouden aanzitten
Perfectum heb aangezeten hebt aangezeten heeft aangezeten hebben aangezeten hebben aangezeten hebben aangezeten
Voltooid verleden tijd had aangezeten had aangezeten had aangezeten hadden aangezeten hadden aangezeten hadden aangezeten
Toekomende tijd II zal aangezeten hebben zult aangezeten hebben zal aangezeten hebben zullen aangezeten hebben zullen aangezeten hebben zullen aangezeten hebben
Conditionalis II zou hebben aangezeten zou hebben aangezeten zou hebben aangezeten zouden hebben aangezeten zouden hebben aangezeten zouden hebben aangezeten
Imperatief - zit aan - - zit aan -
translation - aanzitten translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000