Dutch Dutch

no translation found for aanvloeien

English English

German German

French French

Italian Italian

Spanish Spanish

Portuguese Portuguese

Swedish Swedish



Verb forms of aanvloeien

def. aan
Tegenwoordig en verleden deelwoord aanvloeiend und aangevloeid

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens - - vloeit aan - - vloeien aan
Imperfect - - vloeide aan - - vloeiden aan
Toekomende tijd I - - zal aanvloeien - - zult aanvloeien
Conditionalis I - - zal aanvloeien - - zullen aanvloeien
Perfectum - - is aangevloeid - - zijn aangevloeid
Voltooid verleden tijd - - was aangevloeid - - waren aangevloeid
Toekomende tijd II - - zal aangevloeid zijn - - zult aangevloeid zijn
Conditionalis II - - zal zijn aangevloeid - - zullen zijn aangevloeid
Imperatief - - - - - -
translation - aanvloeien translate | Dutch dictionary