search term:

aanschaffen

  has, one synonym group and 3 synonyms

Dutch Dutch

aanschaffen (algemeen, handel)

English English

acquisition (algemeen) buy (handel) purchase (handel)

German German

Anschaffung (algemeen) Erwerb (algemeen) ankaufen (handel) kaufen (handel)

French French

acheter (handel) acquisition (algemeen) se payer (handel)

Italian Italian

acquisizione (algemeen) acquistare (handel) comperare (handel) comprare (handel)

Spanish Spanish

adquirir (handel) adquisición (algemeen) comprar (handel)

Portuguese Portuguese

adquirir (handel) aquisição (algemeen) comprar (handel)

Swedish Swedish

förvärvande (algemeen) inköpa (handel) köpa (handel)


Verb forms of aanschaffen

- aan
Tegenwoordig en verleden deelwoord aanschaffend und aangeschaft

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens schaf aan schaft aan schaft aan schaffen aan schaffen aan schaffen aan
Imperfect schafte aan schafte aan schafte aan schaften aan schaften aan schaften aan
Toekomende tijd I zal aanschaffen zult aanschaffen zal aanschaffen zullen aanschaffen zullen aanschaffen zullen aanschaffen
Conditionalis I zou aanschaffen zou aanschaffen zou aanschaffen zouden aanschaffen zouden aanschaffen zouden aanschaffen
Perfectum heb aangeschaft hebt aangeschaft heeft aangeschaft hebben aangeschaft hebben aangeschaft hebben aangeschaft
Voltooid verleden tijd had aangeschaft had aangeschaft had aangeschaft hadden aangeschaft hadden aangeschaft hadden aangeschaft
Toekomende tijd II zal aangeschaft hebben zult aangeschaft hebben zal aangeschaft hebben zullen aangeschaft hebben zullen aangeschaft hebben zullen aangeschaft hebben
Conditionalis II zou hebben aangeschaft zou hebben aangeschaft zou hebben aangeschaft zouden hebben aangeschaft zouden hebben aangeschaft zouden hebben aangeschaft
Imperatief - schaf aan - - schaft aan -
translation - aanschaffen translate | Dutch dictionary
     

.: synonyms for aanschaffen

aankopen
inkopen, kopen, verwerven
All Synonyms for aanschaffen