search term:

aanraken

  has 3 meanings, 2 synonym groups and 6 synonyms

Dutch Dutch

aanraken (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording, subject)

English English

feel (zintuiglijke gewaarwording) handle (uitgestalde waren) touch (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) touch on (subject) touch upon (subject)

German German

ansprechen (subject) berühren (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) fühlen (zintuiglijke gewaarwording)

French French

aborder (subject) entamer (subject) mentionner (subject) toucher (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) toucher à (subject) évoquer (subject)

Italian Italian

accennare a (subject) affrontare (subject) menzionare (subject) tastare (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) toccare (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) trattare brevemente (subject)

Spanish Spanish

abordar (subject) mencionar (subject) tocar (subject, uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording)

Portuguese Portuguese

abordar (subject) manusear (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) mencionar (subject) referir (subject) sentir (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) tocar (subject, uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) tocar no (subject)

Swedish Swedish

anföra (subject) beröra (subject, uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) föra på tal (subject) komma in på (subject) känna (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording) ta upp (subject) vidröra (uitgestalde waren, zintuiglijke gewaarwording)


Verb forms of aanraken

- aan
Tegenwoordig en verleden deelwoord aanrakend und aangeraakt

  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens raak aan raakt aan raakt aan raken aan raken aan raken aan
Imperfect raakte aan raakte aan raakte aan raakten aan raakten aan raakten aan
Toekomende tijd I zal aanraken zult aanraken zal aanraken zullen aanraken zullen aanraken zullen aanraken
Conditionalis I zou aanraken zou aanraken zou aanraken zouden aanraken zouden aanraken zouden aanraken
Perfectum heb aangeraakt hebt aangeraakt heeft aangeraakt hebben aangeraakt hebben aangeraakt hebben aangeraakt
Voltooid verleden tijd had aangeraakt had aangeraakt had aangeraakt hadden aangeraakt hadden aangeraakt hadden aangeraakt
Toekomende tijd II zal aangeraakt hebben zult aangeraakt hebben zal aangeraakt hebben zullen aangeraakt hebben zullen aangeraakt hebben zullen aangeraakt hebben
Conditionalis II zou hebben aangeraakt zou hebben aangeraakt zou hebben aangeraakt zouden hebben aangeraakt zouden hebben aangeraakt zouden hebben aangeraakt
Imperatief - raak aan - - raakt aan -
translation - aanraken translate | Dutch dictionary

Top search queries dictionary English

1 - 200 · 201 - 1000 · 1001 - 2000 · 2001 - 3000 · 3001 - 4000 · 4001 - 5000 · 5001 - 7000 · 7001 - 10000 · 10001 - 20000 · 20001 - 50000