aanmerken
has one meaning, 2 synonym groups and 3 synonymsVerb forms of aanmerken
| - | aan | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | aanmerkend | und | aangemerkt |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | merk aan | merkt aan | merkt aan | merken aan | merken aan | merken aan |
| Imperfect | merkte aan | merkte aan | merkte aan | merkten aan | merkten aan | merkten aan |
| Toekomende tijd I | zal aanmerken | zult aanmerken | zal aanmerken | zullen aanmerken | zullen aanmerken | zullen aanmerken |
| Conditionalis I | zou aanmerken | zou aanmerken | zou aanmerken | zouden aanmerken | zouden aanmerken | zouden aanmerken |
| Perfectum | heb aangemerkt | hebt aangemerkt | heeft aangemerkt | hebben aangemerkt | hebben aangemerkt | hebben aangemerkt |
| Voltooid verleden tijd | had aangemerkt | had aangemerkt | had aangemerkt | hadden aangemerkt | hadden aangemerkt | hadden aangemerkt |
| Toekomende tijd II | zal aangemerkt hebben | zult aangemerkt hebben | zal aangemerkt hebben | zullen aangemerkt hebben | zullen aangemerkt hebben | zullen aangemerkt hebben |
| Conditionalis II | zou hebben aangemerkt | zou hebben aangemerkt | zou hebben aangemerkt | zouden hebben aangemerkt | zouden hebben aangemerkt | zouden hebben aangemerkt |
| Imperatief | - | merk aan | - | - | merkt aan | - |
synonyms for aanmerken
- aanmatiging
- aanmelden
- aanmengen
- aanmeren
- aanmerkelijk
aanmerken
- aanmerken op
- aanmerking
- aanmerkingen
- aanmerkingen maken
- aanmerkingen maken op
- aanmeten
- aanmodderen
- aanmoedigen
- aanmoedigend
- aanmoedigende woorden
- aanmoediging
- aanmonsteren
- aanmunten
- aannaaien
- aannagelen
- aanneemster
- aannemelijk
- aannemelijkheid
- aannemen
- aannemend
- aannemer
- aanneming
- aanpakken
- aanpakker
- aanpakster

