Tools Enlarge font sizeNormal font sizeReduce font sizeShow/hide HelpPrint pageRecommend pageSearch aanlijmen in WikipediaSearch aanlijmen in Google UK Bookmark Add page to favouritesBookmark page at Mister Wong Bookmark page at Linkarena Bookmark page at Delicious Bookmark page at Yahoo Bookmark page at Google Words German wordsEnglish wordsFrench wordsSpanish wordsItalian wordsPortuguese wordsSwedish wordsDutch words

Search term: dutch aanlijmen has meanings

English

German

French

Italian

Spanish

Dutch

Portuguese

Swedish

Verb forms of aanlijmen

Usage - Separable aan
Tegenwoordig en verleden deelwoord aanlijmend und aangelijmd
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens lijm aan lijmt aan lijmt aan lijmen aan lijmen aan lijmen aan
Imperfect lijmde aan lijmde aan lijmde aan lijmden aan lijmden aan lijmden aan
Toekomende tijd I zal aanlijmen zult aanlijmen zal aanlijmen zullen aanlijmen zullen aanlijmen zullen aanlijmen
Conditionalis I zou aanlijmen zou aanlijmen zou aanlijmen zouden aanlijmen zouden aanlijmen zouden aanlijmen
Perfectum heb aangelijmd hebt aangelijmd heeft aangelijmd hebben aangelijmd hebben aangelijmd hebben aangelijmd
Voltooid verleden tijd had aangelijmd had aangelijmd had aangelijmd hadden aangelijmd hadden aangelijmd hadden aangelijmd
Toekomende tijd II zal aangelijmd hebben zult aangelijmd hebben zal aangelijmd hebben zullen aangelijmd hebben zullen aangelijmd hebben zullen aangelijmd hebben
Conditionalis II zou hebben aangelijmd zou hebben aangelijmd zou hebben aangelijmd zouden hebben aangelijmd zouden hebben aangelijmd zouden hebben aangelijmd
Imperatief - lijm aan - - lijmt aan -

aanlijmen - Translation of words, word sequences and short sentences into the languages German, Spanish, French, Italian, Dutch, Portuguese, Swedish