aan elkaar schakelen
has one meaning
Dutch
English
German
Swedish
- aan deflatie onderwerpen
- aan dwarslaesie lijdende
- aan een kruisverhoor onderwerpen
- aan een strenge selectie onderwerpen
- aan elkaar gekoppeld
aan elkaar schakelen
- aan flarden
- aan flarden scheuren
- aan gokken verslaafd zijn
- aan hebben
- aan het doen
- aan het eind van zijn Latijn zijn
- aan het gezicht onttrekken
- aan het hoofd staan
- aan het hoofd zeuren
- aan het lachen brengen
- aan het licht brengen
- aan het licht komen
- aan het lijntje houden
- aan het spel zijn
- aan huis gebonden
- aan iemand zijn
- aan iemands aandacht ontglippen
- aan iemands aandacht ontsnappen
- aan iemands oordeel overgelaten worden
- aan iemands verwachtingen beantwoorden
- aan land
- aan land gaan
- aan land zetten
- aan lucht blootgesteld
- aan mij

